The Passion of the Christ

“Een horde gewapende kerels schoppen en slaan met wellust een man tot er niet meer van hem overblijft dan een lillende massa bloedend mensenvlees. Een vrouw likt het bloed van de voeten van het slachtoffer.” Wie niet beter weet zou denken dat het hier om de beschrijving van beelden uit een zogenaamde snuffmovie gaat. Snuffmovies zijn illegale videoproducties waarin mensen op sadistische wijze worden gemarteld om bij de kijker lustgevoelens op te wekken. Bezit en verspreiding van zulke films zijn strafbaar. “Maria kust de voeten van haar zoon Jezus op kruis”, klinkt al heel anders maar het gaat toch over dezelfde beelden. Mel Gibson’s ‘The Passion of the Christ’ kan de geschiedenis ingaan als de eerste christelijke snuffmovie. 

Rolf Deen

Naar verluid zou de paus zelf over de film gezegd hebben: “Het is zoals het was”. Het Vaticaan was later zo wijs om in het midden te laten wat de paus echt heeft gezegd. Op iedere poster en DVD-box van de film zou anders dit citaat hebben gestaan. Behalve publicitair toonde Rome theologisch haar verstand. Vanaf ‘La Passion’, de allereerste Jezusfilm gemaakt door de uitvinders van de film de gebroeders Lumière in 1897 tot aan Gibson’s ‘The Passion of the Christ’ is het onmogelijk geweest de bijbelse gebeurtenissen weer te geven ‘zoals ze waren’. Omdat de vier verschillende passieverhalen in het Nieuwe Testament zelf al gelovige interpretaties zijn en filologen aantoonden dat afzonderlijke evangelies zelf uit verschillende literaire bronnen putten, geeft iedere schilder, auteur, dramaturg en filmer altijd zijn eigen lezing en verbeelding van het passieverhaal. Gibson vormt daar op geen uitzondering. Zijn scenario is een mengsel van vier evangelies, latere legendes en apocriefe evangelies, christelijke beeldende kunst en de geschriften van twee mystieke kloosterzusters, de ‘Stad Gods’ van de Spaanse Maria de Jesus de Agreda (1602-1665) en ‘Het bitter lijden van Onzen Heer Jezus Christus’, visioenen van de Duitse Maria Catherina Emmerich (1774-1824) opgetekend door Clemens Brentano. 

Artistieke vrijheid

Veronica die het gelaat van Christus afveegt, de ‘slechte’ dief Desmes die naast Jezus is gekruisigd en de kraai die hem een oog uitpikt, de Piëta scène bij de kruisafname, de verbeelding van Satan als androgyn wezen, Jezus die als jonge timmerman de vierpotige tafel uitvindt, Maria die er uit ziet als een katholieke non, de extreme nadruk op geweld en bloed, het staat allemaal niet in de bijbel. Juist deze artistieke vrijheden kunnen een Jezusfilm interessant maken en de handtekening van de maker tonen. Het plot van het bijbelverhaal is namelijk voor een cineast geen ‘unique selling point’. Iedereen kent immers de afloop. Hij moet het hebben van eigen interpretatie, de buitenbijbelse gegevens en de verbeelding, om het publiek te boeien. Een mooi voorbeeld is de zelfmoord van Judas, een bijzondere passage waar ooit ook de regisseur van Jesus Christ Superstar zich op uitleefde door Judas door legertanks te laten opjagen. In The Passion verbeeldt een groepje treiterende kinderen de aanvechtingen van de schuldbewuste Judas. Zij jagen hem op tot aan de boom waaraan hij zich verhangt. 

Melodrama en theologie

De stijl van The Passion is melodramatisch. Niemand spreekt, kijk of beweegt normaal. Praten gebeurt kreunend en steunend. Blikken zijn altijd smekend, smachtend of smerig. Lopen is kruipen, rennen, struikelen en strompelen. Veelvuldig gebruik van flashbacks, slowmotion, extreme close-ups, lage camerastandpunten, nadrukkelijke geluidsweergave en dramatische muziek maken iedere afstand tot het drama onmogelijk. Wanneer Maria Jezus ziet vallen onder het kruis zien we in een flashback hoe het kind Jezus valt en Maria ook daar op hem toe rent. Als dat geen melodrama is. Als Jezus bloederig aan het kruis wordt geslagen zien we beelden van het laatste avondmaal: pure offertheologie. 

Antisemitische film?

De film sluit in stijl en opzet aan bij de lange traditie van christelijke passiespelen die de eeuwen door in de lijdenstijd werden opgevoerd en het publiek dikwijls aanzette tot antisemitisme. De gewraakte passage waar in de volksmenigte roept `Zijn bloed op ons en onze kinderen!' (Matteüs 27,25) had Gibson beter niet kunnen verwijderen. Het schrappen van de scène blijkt een schijnbeweging, als je ziet dat er in de rest van de film amper een normale jood voorkomt. Jezus, Maria en Johannes steken met hun ‘normale’ uiterlijk schril af tegen de priesters, de tempelwacht en het krioelende gepeupel. Niets dan karikaturale behaarde, bebaarde en duivelse tronies die er behagen in scheppen Jezus zo hard mogelijk op de ongelukkigste plekken te schoppen en slaan. De filmer, net als de regisseurs van de klassieke passiespelen, heeft wel gekozen voor de joelende menigte uit het evangelie van Matteüs en Johannes maar de massa weeklagende vrouwen langs de weg en berouwvolle menigte uit het Lucasevangelie (23, 27; 23, 48) weggelaten. Waarom passen de joden met mededogen voor Jezus niet in dit verhaal, als het werkelijk de opzet was om het te laten zien ‘zoals het was’?

Exegeten en theologen verschillen van mening over het anti-joodse gehalte van de evangelies zelf. Het ene evangelie is wat meer dan het andere door de breuk tussen joden en vroege christenen in de eerste eeuw beïnvloed. Het is met passages in de passieverhalen als met bepaalde chemische stoffen. In sommige combinaties zijn ze heilzaam, in andere dodelijk. Een verantwoordelijk cineast kiest voor een heilzame combinatie, dat is in deze film niet gebeurd.

Bloederige godsdienstles

De mogelijke goede kanten van deze film staan in de schaduw van het extreme geweld dat er in te zien in. Dat een cineast kiest voor een gewelddadige film, wie houdt het nog tegen? Het is inmiddels een ‘gewoon’ filmgenre geworden. Maar of het een goede manier is om de christelijke boodschap te verkondigen, valt te betwijfelen. Het geweld in The Passion is ronduit pornografisch. Zeggen dat deze film een goede ‘godsdienstles’ is, is beweren dat een harde pornofilm geschikt is voor goede seksuele voorlichting. Het gebruik van geweld in deze film berust op het misverstand dat door uitvoerig en gedetailleerd te laten zien hoe gruwelijk het allemaal geweest is, mensen mededogen zullen krijgen met de Jezusfiguur en overtuigd zullen raken van het grote offer dat daar gebracht is. Het zien van gruwelen en geweld verbittert en verhardt eerder dan dat het mededogen opwekt. Niet de christelijke boodschap maar het extreme geweld is waardoor deze film impact heeft. 

The Passion en Dogville

Iedere kunstenaar doet af en toe een stapje naar achteren om de kwaliteit zijn werk in wording beter te zien. Zijn gloednieuwe ‘wedergeboren’ katholieke geloof ontneemt Gibson de afstand die nodig is om de vragen die het lijden en de verrijzenis van Christus stelt over schuld, boete en verlossing in een film de diepte mee te geven die ze verdienen. Daar zijn historiserende bijbelfilms bovendien minder geschikt voor. Zulke films scheppen vaker de afstand van vergapen en verbazen dan de nabijheid van het inleven, zeker in de gewelddadige vorm die Gibson koos. Er draaide onlangs in de Nederlandse bioscopen een andere film die het lijden van Christus op een zeer indringende manier heel dicht bij huis brengt: ‘Dogville’ van Lars von Trier (inmiddels te koop op video en DVD). Zowel Dogville als The Passion hebben me zo diep geraakt dat ik er ’s nachts wakker van heb gelegen en er in gedachten mee bezig blijf. Dogville, omdat hij mijn persoonlijke rol in het drama het lijden van Christus intens voelbaar maakte. The Passion, omdat de verbeelding van geweld bij mij de afstandelijke reactie opriep: als dit verlossing is bedank ik voor de eer. 

Deze site is eigendom van de stichting KFA-Filmbeschouwing.
Voor alle teksten © Copyright KFA Filmbeschouwing.